Verzakking

Een verzakking wil zeggen dat de bekkenorganen naar beneden gezakt zijn, bijvoorbeeld:

  • de schedevoorwand en de blaas
  • de schedeachterwand en de endeldarm
  • de baarmoeder.

Oorzaken

Een verzakking kan op verschillende manieren ontstaan:

  • Bij een bevalling worden de bekkenbodem en andere steunweefsels in het bekken uitgerekt. Bij sommige vrouwen herstelt deze uitrekking onvoldoende na de bevalling. Organen verliezen zo hun steun en kunnen gaan ‘zakken’.
  • Bij het ouder worden - vooral na de overgang - wordt een verzakking vaak erger. De weefsels rekken gemakkelijker uit.
  • Overgewicht vormt een extra belasting voor bekkenbodem en steunweefsels en draagt zo bij tot het ontstaan van een verzakking.
  • Chronisch hoesten (bijvoorbeeld door roken) en versterkt persen bij de ontlasting kunnen een verzakking verergeren
  • Een verzakking kan door erfelijke factoren vaker voorkomen.

Klachten

  • Het gevoel dat er van onderen iets naar buiten komt
  • Soms lage rugpijn - de oorzaak zit meestal in de botten of spieren van de rug zelf
  • Een trekkend, zeurderig gevoel in de onderbuik
  • Problemen bij het plassen.

De klachten van een verzakking verergeren vaak bij vermoeidheid en bij activiteiten als zwaar tillen en persen. De seksuele omgang wordt meestal maar weinig door een verzakking beïnvloed.
De klachten bij een verzakking kunnen heel hinderlijk zijn, maar een verzakking is nooit gevaarlijk!

Behandeling

Een verzakking kan soms gecorrigeerd worden door het inbrengen van een pessarium (ring). Dit zal de gynaecoloog vooral adviseren in situaties waarin een operatie (nog) niet nodig is of door verhoogd risico beter niet kan plaatsvinden.
Onder leiding van een fysiotherapeut kunnen bekken-bodemoefeningen nuttig zijn om een milde verzakking en klachten van urineverlies te behandelen.
Tenslotte kunnen adviezen gegeven worden rond de stoelgang en het eventuele overgewicht.

Operatie

Als bovengenoemde maatregelen onvoldoende helpen, dan kan een operatie (via de schede) uitkomst bieden, bijvoorbeeld:

  • verwijderen van de baarmoeder (de eierstokken blijven op hun plaats)
  • inkorten van de uitgezette schede en voor- en achterwand van de vagina
  • herstel van de bekkenbodem door steunhechtingen.

Het type ingreep hangt af van de aard van de verzakking. Het is een middelgrote ingreep, waarvoor u ongeveer 3 tot 5 dagen opgenomen wordt. In overleg met u wordt de operatie onder algehele narcose of met een ‘ruggenprik’ uitgevoerd.

Na de operatie

Na de operatie moet u met het volgende rekening hou-den:

  • u hebt een tampon in de schede, deze wordt na ± 24 uur verwijderd (meestal de dag na de operatie)
  • u hebt gedurende enkele dagen een katheter in de blaas
  • u hebt meestal 1-2 dagen een infuus in de arm; bij ruim bloedverlies is soms een bloedtransfusie noodzakelijk
  • u krijgt injecties tegen trombose.

Weer thuis

U zult zich de eerste weken nog slap voelen, het is ver-standig om goede hulp te regelen.

Gedurende zes weken mag u:

  • niet zwaar tillen (kinderen, meubilair, zware tassen enzovoort)
  • geen gemeenschap hebben
  • geen buikspieroefeningen
  • beter niet fietsen.

Als regel kunt u na zes weken uw normale activiteiten weer hervatten.

Nacontrole

Na zes weken komt u voor nacontrole op de polikliniek. De gynaecoloog zal u dan inwendig onderzoeken, om te kijken of de operatiewond voldoende is genezen.
Eventuele vragen of klachten kunt u dan ook bespreken.

Mogelijke problemen en risico’s


Kort na de operatie

  • de eerste dagen na de operatie zijn vervelend, sommige vrouwen hebben last van misselijkheid
  • het kan voorkomen dat na verwijdering van de katheter het plassen nog niet meteen wil lukken. De katheter wordt dan nog één of enkele dagen terug-geplaatst
  • de hechtingen in de bekkenbodem kunnen pijnlijk zijn. Een eenvoudige pijnstiller als paracetamol kan vaak al voldoende zijn
  • na de operatie kan een blaasontsteking optreden. U krijgt uit voorzorg antibiotica
  • een gelukkig zelden voorkomende ernstige complicatie is een infectie van het operatiegebied. Deze kan worden behandeld met antibiotica.
  • Soms moeten er hechtingen verwijderd worden om pus te ontlasten
  • een enkele maal treedt er enige tijd na de operatie bloedverlies uit de schede op. Dit kan zich dus ook voordoen als u al weer thuis bent.

Later

Op termijn kunnen problemen voorkomen zoals

  • Het ophouden van de plas. Of dit zal gebeuren, is moeilijk te voorzien. De gynaecoloog zal tijdens de operatie alles in het werk stellen om deze complicaties te vermijden, maar dit lukt helaas niet altijd!
    Mocht u na de operatie blaasproblemen houden, dan kan een tweede operatie noodzakelijk zijn.
  • Soms wordt het plassen lastiger. Dit is meestal niet ernstig, soms wel. Herstel is niet eenvoudig.
  • Enige afscheiding en bloedverlies zijn normaal, maar zodra het bloedverlies meer wordt dan u vroeger bij een menstruatie gewend was, kunt u het beste even contact opnemen met de gynaecoloog.
  • Soms is dan onderzoek onder narcose nodig, bijvoorbeeld om opnieuw een tampon in te brengen.
  • Ook kan na enkele weken opnieuw bloedverlies optreden als gevolg van een bloeding op de top van de schede.
  • Problemen met de gemeenschap: door de operatie ontstaat een litteken en de schede wordt vaak nauwer.
    Uw gynaecoloog bespreekt dit vooraf met u.
  • Er wordt bij de operatie rekening gehouden dat gemeenschap mogelijk blijft.
  • Het kan voorkomen, dat er - ook na een goed uitgevoerde operatie - opnieuw een verzakking ontstaat. Herstel door middel van een tweede operatie is mogelijk, maar vaak lastiger dan de eerste keer. Probeer daarom de rest van uw leven druk op de buik te vermijden, dus liever niet zwaar tillen.

Tot slot

Een verzakkingsoperatie wordt uitgevoerd als er sprake is van een verzakking die ernstige klachten geeft. In de meeste gevallen is het operatieresultaat goed, maar zoals u hebt kunnen lezen, is dat helaas niet altijd het geval.

Het is dus belangrijk om vooraf - samen met de gynaecoloog - goed de voor- en nadelen tegen elkaar af te wegen.

Meer informatie

  • Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie www.nvog.nl
    Dit is de beroepsvereniging van gynaecologen. De site van de vereniging bevat heel veel informatie over allerlei gynaecologische aandoeningen en operaties.
  • Informatie en Dienstondersteuning Gynaecologie
    Telefoon 050 - 3135 646 (dinsdag en woensdag)
    www.icgynaecologie.nl
    (zoeken onder bekkenbodem- en incontinentieproblemen)