U heeft van de orthopedisch chirurg te horen gekregen dat u in aanmerking komt voor een totale knie operatie. De vervanging van een kniegewricht is een veelvoorkomende operatie, waar veel mensen met een ‘versleten knie’ baat bij hebben.
Deze operatie is toch geen kleinigheid en de revalidatie vraagt wilskracht en inspanning van zowel de patiënt als de familie. Een actieve bijdrage van uzelf zorgt voor een sneller herstel. In deze folder krijgt u informatie over de voorbereiding op de operatie, de operatie, het verblijf op de afdeling, het ontslag en adviezen voor thuis. Daarom raden wij u aan deze folder goed te bewaren. Voor uw operatie heeft u op verschillende momenten contact met het ziekenhuis. Wij raden u aan om u dan te laten vergezellen door een vaste begeleider. Deze persoon kan tijdens uw opname in het ziekenhuis voor ons de contactpersoon zijn en wij zullen hem/haar bij de zorg betrekken.
Het kniegewricht
Het kniegewricht is een ‘scharniergewricht’. Tijdens het bewegen/lopen, scharnieren onderbeen en bovenbeen ten opzichte van elkaar. Dit wordt vergemakkelijkt door een laagje kraakbeen. Kraakbeen is een glad en verend weefsel. Naarmate men ouder wordt neemt dit laagje kraakbeen in dikte af. Is dit laagje nu te dun geworden geeft dit problemen bij het bewegen en er treden klachten op. Wij spreken dan van slijtage (artrose) of van een versleten knie. Als medicijnen en fysiotherapie niet meer helpen, kan een operatie uitkomst bieden. Dan spreken wij van een ‘totale knieoperatie’. Tijdens de operatie wordt het versleten gewricht vervangen door een kunst gewricht. Welk materiaal daarbij gebruikt wordt, kunt u het beste aan de arts vragen. Dit is namelijk verschillend.
Voorlichtingsavond
Let op: de voorlichtingsavond is alleen voor patiënten die op de opnamelijst staan en geopereerd gaan worden in Ziekenhuis Bethesda.
Om u als patiënt goed te informeren op uw operatie, wordt regelmatig een voorlichtingsavond georganiseerd. Deze bijeenkomst is afgestemd op patiënten die een knie- of heupoperatie moeten ondergaan.
Intake gesprek
U ontvangt een oproep voor een intake gesprek met een anesthesist, de orthopedieverpleegkundige en de liaisonverpleegkundige. Wilt u voor dit intake gesprek de medicijndoosjes van de medicijnen die u op dat moment gebruikt, meenemen?
De anesthesist geeft u informatie over de verdoving en zal beoordelen of er nog nader onderzoek nodig is door een andere specialist, bijv. een internist of een cardioloog.
De orthopedieverpleegkundige zal u vragen naar medicijngebruik, eerdere operaties, contactpersoon, thuissituatie, enz.
Ook wordt in verband met de komende operatie, uw bloeddruk, polsslag, lengte en gewicht genoteerd. Heeft u zelf nog vragen of nadere informatie, aarzelt u dan niet om dit te noemen.
De liaisonverpleegkundige zal met u bekijken welke hulp u thuis nodig heeft.
Fysiotherapie
Tijdens de opname krijgt u fysiotherapie. U leert verschillende oefeningen en u krijgt tips. Zodra het kan, probeert u weer te lopen en u moet iedere dag oefenen. Gaandeweg zult u steeds meer leren en merken dat het voortbewegen steeds gemakkelijker gaat, todat u zelfstandig kunt lopen met rollator of elleboogkrukken. Eventueel wordt ook aandacht besteed aan het traplopen en het nemen van een stoep of drempel.
Risico’s van een operatie
Aan iedere operatie zijn risico’s aan verbonden:
- Na elke operatie is er kans op trombose.
- Er is een kleine kans op zenuwletsel, wat kan leiden tot een klapvoet.
- als na plaatsing van het kunstgewricht een infectie optreedt, kan dat een risico betekenen voor de prothese.
- Antibiotica kunnen bij een infectie vaak bescherming bieden. Dit verhoogde infectierisico blijft gelden zolang u een prothese heeft.
Voorbereiding op de operatie
Op de dag u geopereerd zult worden wordt u nuchter opgenomen, behalve als u deelneemt aan het eerder thuis project. Dit betekent dat u vanaf middernacht niet meer mag eten of drinken en bij voorkeur ook niet meer roken, tenzij anders met u is afgesproken door de anesthesist. Wanneer u bloedverdunners (sintrom/marcoumar) gebruikt, is het belangrijk dat u het schema van de trombosedienst meeneemt als u opgenomen wordt.
Belangrijk: Wilt u zich ’s ochtends douchen? Dit is belangrijk en dient om infecties te voorkomen.
Het operatie gebied wordt tevoren geschoren en schoongemaakt.
Ongeveer een uur voor de operatie krijgt u een tabletje waarvan u wat slaperig kunt worden, u moet nu ook op bed blijven. Als het zover is krijgt de verpleging bericht, zij zullen u naar de “verkoever” of uitslaapkamer brengen waar u verder wordt voorbereid op de operatie.
Na de operatie komt u eerst op de uitslaapkamer terug.
U kunt na de operatie misselijk zijn of pijn hebben, hiervoor kunt u medicijnen krijgen.
Ook heeft u:
- een infuus
- plastic slangetjes in het wondgebied die wondvocht afvoeren (drains)
- mogelijk een epiduraal katheter (slangetje in de rug) voor de pijnbestrijding
- mogelijk een katheter om urine af te voeren.
In de loop van de dag gaat u weer terug naar de afdeling of indien nodig een nacht naar de IC.
De eerste dagen na de operatie
Na de operatie komt u met het geopereerde been in een zogenaamde motorslede te liggen. In deze motorslede wordt uw been langzaam gebogen en gestrekt. Mits er geen bijzonderheden zijn, worden de drains en het infuus verwijderd. Zodra u zich goed kunt bewegen in bed, wordt ook de katheter verwijderd. Ook wordt er een steunkous aangemeten voor het geopereerde been. Deze kous krijgt u om stuwing in dit been zoveel mogelijk tegen te gaan. De kous wordt alleen overdag gedragen wanneer u mag lopen, ’s nachts moet de kous dus uit.
Het is belangrijk dat u al snel begint met de mobilisatie; dit zal onder leiding gaan van de verpleging en de fysiotherapie. Iedere dag zal er geoefend moeten worden. U zult geleidelijk aan meer leren en het voortbewegen gaat steeds makkelijker totdat u zelfstandig kunt lopen met een rollator of twee krukken. Ook moet u oefenen in de motorslede, liefst drie keer per dag.
In verband met de loopoefeningen is het van belang om stevige schoenen mee te nemen.
Duur van de opname
De opname duurt meestal 5 – 7 dagen.
Medicijn gebruik
Tijdens uw verblijf in het ziekenhuis krijgt u extra medicijnen, ter bevordering van uw herstel.
Naar huis
Nadat de orthopeed (dit kan een andere zijn dan degene die u heeft geopereerd) heeft aangegeven wanneer u naar huis mag, moeten er nog een paar dingen geregeld worden.U heeft mogelijk nog enige hulp nodig bij het wassen en afdrogen van de voeten en het aantrekken van de kous. In de meeste gevallen kan de partner hier uitkomst in bieden. Is dit niet mogelijk dan wordt de thuiszorg ingeschakeld. Veelal is dit al in het intakegesprek met de liaisonverpleegkundige aan de orde geweest.
Fysiotherapie thuis is in eerste instantie niet nodig, u doet de oefeningen die u van de fysiotherapeut geleerd heeft. Mocht u wel fysiotherapie nodig hebben, dan wordt in overleg met de arts hiervoor een aanvraag geregeld. U kunt deze aanvraag inleveren bij een fysiotherapeut naar keuze bij u in de buurt.
Controle
Tussen drie en zes weken na de operatie wordt u terugverwacht op de polikliniek. Bij ontslag krijgt u hiervoor een afspraak mee.
Gedurende een bepaalde tijd moet u bloedverdunnende medicijnen gebruiken.
Adviezen
- Gebruik voor het wandelen buiten altijd twee krukken.
- Oefen dagelijks, liever een paar keer kort dan 1 keer lang.
- Krukken maar ook andere hulpmiddelen zijn bij de thuiszorg te lenen.
- De eerste zes weken nog geen autorijden.
- Wanneer u weer mag fietsen en/of zwemmen gaat in overleg met de arts.
- Ook het hervatten van andere sporten in overleg met de arts.
- De eerste zes weken mag u niet op de knieën liggen.