Fysiotherapie bij een knieprothese

Adviezen voor de eerste zes weken

In het ziekenhuis wordt u zo goed mogelijk voorbereid op de situatie thuis. Toch is het belangrijk om de eerste zes weken een aantal leefregels in acht te nemen.

  • Vermijd extreme bewegingen zoals hurken en op de knieën zitten.
  • Draai niet staand op uw geopereerde been, u kunt dit beter met kleine pasjes doen.
  • Ga niet op een lage stoel/ bank zitten, de hoogte van de stoel moet zodanig zijn dat u gemakkelijk weer op kunt staan.
  • Als u de knie nog niet voldoende kunt buigen is het gemakkelijk het been bij het gaan zitten iets naar voren te zetten.
  • Leg uw benen hoog als deze wat gezwollen zijn.
  • Bij zwelling van de knie kunt u vier tot zes keer per dag na het oefenen koelen met een koudepakking. Plaats de koudepakking niet direct op de huid maar doe er een handdoek tussen.
  • Wissel lopen, staan en zitten regelmatig af.

Oefenadviezen

  • Gebruik de eerste zes weken voor het lopen altijd twee krukken of een rollator.
  • Streef een normaal looppatroon na.
  • Fietsen op de hometrainer mag in overleg met uw arts of fysiotherapeut. U kunt dit opbouwen tot twee keer daags tien minuten. Gebruik hierbij een lage weerstand en zet het zadel in het begin zo hoog mogelijk; let op bij het op- en afstappen.
  • U mag, wanneer u daar aan toe bent, de krukken om en om plaatsen tijdens het lopen. U plaatst dan tegelijk met de rechterkruk uw linkerbeen naar voren en met de linkerkruk uw rechterbeen.
  • Oefen dagelijks liever meerdere keren kort dan één keer lang.

Oefeningen

  • Liggend of zittend; buig en strek de enkels.

  • Liggend of zittend; span de bovenbeenspier aan door uw knie zo ver mogelijk te strekken. Duw hierbij de knieholte in de onderlaag.

  • Zittend voor op de stoel; buig en strek de knie door uw voet rustig op een handdoek of plastic zak van voor naar achter te bewegen.

  • Zittend tegen de rugleuning; strek de knie waarbij de voet loskomt van de grond.
     

Algemene adviezen

Basisregels traplopen

  • Gebruik één kruk en één leuning
  • Steun op de kruk en op de trapleuning als u op het geopereerde been staat
  • Zorg ervoor dat de kruk bij het geopereerde been blijft
  • Als u de trap oploopt, plaatst u eerst het niet-geopereerde been op de tree, het geopereerde been en de kruk sluiten aan
  • Als u de trap afloopt, plaatst u eerst de kruk en het geopereerde been op de volgende tree, het niet-geopereerde been sluit aan.

Deze regels gelden ook voor drempels en stoepen.

Veiligheidsadviezen

  • Voorkom vallen, geen losse snoeren en vloerkleden op de grond.
  • Draag stevige schoenen, geen slippers of sloffen.

Auto in- en uitstappen

  • Op stoffen bekleding kunt u een plastic zak op de zitting gebruiken om het glijden te vergemakkelijken.
  • Zet de stoel zover mogelijk naar achteren om beter in te kunnen stappen.
  • Ga bij het instappen eerst op de autostoel zitten met beide benen buiten de auto. Zet vervolgens de benen naar binnen.
  • De voorkeur gaat uit naar een auto met een hoge instap.

Autorijden

U mag autorijden als u hiervoor toestemming hebt gekregen van uw arts.

Fietsen

Als u de knie voldoende kunt buigen (meestal zes tot acht weken na de operatie) mag u na overleg met uw arts weer fietsen. Vanwege de lage instap is het ver-standig om op een damesfiets te fietsen.

PF248-0210