Fysiotherapie bij een heupprothese

Adviezen voor de eerste zes weken

De eerste zes weken moeten de spieren en het kapsel de gelegenheid krijgen om te herstellen. Voorkom daarom ‘verkeerde’ bewegingen. De kans op het ‘uit de kom schieten’ van de heup is niet erg groot, maar er zijn bewegingen waar u extra op moet letten, u mag

  • het been niet draaien
  • niet staand op het geopereerde been draaien, u kunt dit beter met kleine pasjes doen
  • niet met de knieën over elkaar zitten,
  • de heup niet meer dan 90 graden buigen, dit betekent:

- niet bukken (zittend of staand) om bijv. iets van de grond op te pakken,
- niet zelf uw schoenen, sokken of broek aan¬trek-ken of de veters strikken
- niet hurken
- niet laag zitten. Gebruik dus een rechte hoge stoel en een toiletverhoger op het toilet.

Tips

  • Zorg thuis voor een niet te laag bed (eventueel op klossen)
  • In verband met de lage zit en de hoge instap, kunt u de eerste tijd beter geen bad nemen.

Oefenadviezen

  • Gebruik de eerste zes weken voor het lopen altijd twee krukken of een rollator.
  • Streef een normaal looppatroon na.
  • Fietsen op de hometrainer mag in overleg met uw arts of fysiotherapeut. U kunt dit opbouwen tot twee keer daags tien minuten. Gebruik hierbij een lage weer¬stand en zet het zadel in het begin zo hoog mogelijk; let op bij het op- en afstappen.
  • U mag, wanneer u daar aan toe bent, de krukken om en om plaatsen tijdens het lopen. U plaatst dan tegelijk met de rechterkruk uw linkerbeen naar voren en met de linkerkruk uw rechterbeen.
  • Oefen dagelijks liever meerdere keren kort dan één keer lang.
  • Leg uw benen omhoog als deze wat gezwollen zijn.
  • Wissel lopen, staan en zitten regelmatig af.

 

Oefeningen

  • Liggend of zittend; buig en strek de enkels.

  • Liggend of zittend; span de bovenbeenspier aan door uw knie zo ver mogelijk te strekken. Duw hierbij de knieholte in de onderlaag.

 

  • Liggend; knie optrekken en weer strekken, rustig bewegen en niet verder dan 90 graden buigen in de heup.

  • Zittend voor op de stoel; buig en strek de knie door uw voet rustig op een handdoek of plastic zak van voor naar achter te bewegen.

 

  • Zittend tegen de rugleuning; strek de knie waarbij de voet loskomt van de grond.

 

  • Staand (bijvoorbeeld bij het aanrecht); plaats uw been naar achteren en weer terug.
    Let op: blijf rechtop staan.

 

  • Staand; plaats uw been zijwaarts en weer terug.
    Let op: blijf rechtop staan.

Algemene adviezen


Basisregels traplopen

  • Gebruik één kruk en één leuning.
  • Steun op de kruk en op de trapleuning als u op het geopereerde been staat.
  • Zorg ervoor dat de kruk bij het geopereerde been blijft.
  • Als u de trap oploopt, plaatst u eerst het niet-geopereerde been op de tree, het geopereerde been en de kruk sluiten aan.
  • Als u de trap afloopt, plaatst u eerst de kruk en het geopereerde been op de volgende tree, het niet-geopereerde been sluit aan.

Deze regels gelden ook voor drempels en stoepen.

Veiligheidsadviezen

  • Voorkom vallen, geen losse snoeren en vloerkleden op de grond.
  • Draag stevige schoenen, geen slippers of sloffen.

Auto in- en uitstappen

  • Op stoffen bekleding kunt u een plastic zak op de zitting gebruiken om het glijden te vergemakkelijken.
  • Zet de stoel zover mogelijk naar achteren en de rugleuning iets verder achterover om beter in te kunnen stappen.
  • Ga bij het instappen eerst op de autostoel zitten met beide benen buiten de auto. Zet vervolgens de benen naar binnen.
  • De voorkeur gaat uit naar een auto met een hoge instap.

Autorijden

U mag autorijden als u hiervoor toestemming hebt gekregen van uw arts.

Fietsen

Na acht tot twaalf weken mag u na overleg met uw arts weer fietsen. Vanwege de lage instap is het verstandig om op een damesfiets te fietsen.


PF247-0210