Met behulp van een bronchoscoop (dit is een dunne buigzame slang met een minicamera) worden uw luchtwegen van binnen bekeken. De bronchoscoop kan via de neus maar, wordt meestal via de mond ingebracht. U kunt er rustig langs ademen, en het is niet pijnlijk.
Zonodig worden er tijdens dit onderzoek kleine stukjes weefsel (biopten) weggenomen.
Duur van het onderzoek
Het onderzoek duurt 20-40 minuten, dit is inclusief de voorbereiding voor het onderzoek.
Wanneer u een roesje krijgt toegediend, houdt u er dan rekening mee dat u na het onderzoek nog 2 uur in het ziekenhuis blijft voor observatie.
Voorbereiding thuis
- Het is noodzakelijk dat u voor dit onderzoek nuchter bent. Dit betekent dat u tenminste 6 uur voor het onderzoek niets meer mag eten en drinken. De mond mag wel gespoeld worden met water
- Als u astma/COPD heeft en u daarvoor pufjes gebruikt, adviseren wij u deze gewoon door te gebruiken.
- Wij adviseren u geen knellende kleding te dragen
- Omdat u duizelig kunt worden van de keelverdoving, is het verstandig van tevoren vervoer te regelen
- Denkt u aan het meenemen van uw ponsplaatje en legitimatiebewijs.
Medicijnen
Gebruikt u bloedverdunners via de trombosedienst,of een combinatie van Ascal met Plavix, dan moet u deze in de meeste gevallen een aantal dagen (5-7 dagen) voor het onderzoek stoppen, overleg dit met de arts die het onderzoek voor u aanvraagt. U kunt met de trombosedienst overleggen met welke dosering u weer start na het onderzoek.
Gebruikt u medicijnen voor diabetes (suikerziekte) overleg dan met de arts die het onderzoek voor u aanvraagt, welke dosering u moet nemen. Meldt dit ook even voor het onderzoek.
Andere medicijnen die u gebruikt, mag u met een klein slokje water innemen. Let hierbij op dat u dit ruim 1 uur voor het onderzoek doet, en niet vlak voor het onderzoek.
Verloop van het onderzoek
Er wordt eerst een vragenlijst met u doorgenomen, waarbij belangrijke gegevens met u wordt besproken.
Hierna krijgt u een doekje voor om uw kleding te beschermen, een eventuele gebitsprothese moet u uit doen. U krijgt een bloeddrukmeter en een vingerclip aangesloten, hiermee worden uw bloeddruk, zuurstofgehalte in uw bloed, hartslag en ademhaling gecontroleerd.
De longarts of endoscopieverpleegkundige zal uw keel en mond gaan verdoven met een verdovingsspray. U kunt er van gaan hoesten, dit gaat meestal over als de verdoving goed inwerkt. Helaas heeft de spray een bittere smaak en zal u het gevoel geven dat uw keel dik wordt. Dit is echter niet het geval, u kunt rustig ademen. Het slikken gaat wat moeilijker.
Na deze voorbereiding gaat u op de behandeltafel liggen. Het licht in de kamer wordt ondertussen gedimd zodat het beeld op de monitor duidelijker is. U krijgt een bijtring in uw mond om de slang te beschermen.
Tijdens het onderzoek wordt, indien nodig, een extra verdovend middel ingebracht. Veelal krijgt u extra zuurstof toegediend door een klein slangetje in uw neus.
Afhankelijk van de reden van het onderzoek wordt er eventueel via de bronchoscoop ook stukjes weefsel (biopten) weggenomen. Dit is niet pijnlijk. Om cellen te verkrijgen voor laboratoriumonderzoek, wordt een spoeling met zoutwater gegeven.
Ook is het mogelijk eventuele tumoren weg te branden.
Rustgevend middel (roesje)
Met de verdovingsspray is een roesje niet nodig; wanneer u denkt toch een rustgevend middel (roesje) nodig te hebben, dan moet u dit tevoren bespreken met de arts die het onderzoek voor u aanvraagt. Dit is nodig om een bed te kunnen reserveren in de uitslaapruimte.
Dit rustgevende middel wordt dan kort voor het onderzoek bij u ingespoten via een infuusnaaldje op de hand.
U moet na toediening nog 2 uur in het ziekenhuis blijven voor observatie.
Na een roesje mag u diezelfde dag niet zelfstandig aan het verkeer deelnemen. Dit houdt in dat u niet mag autorijden en niet alleen mag fietsen of lopen. Lukt het niet om vervoer te regelen, dan kunt u natuurlijk ook –voor eigen rekening- een taxi (laten) bellen.
Het werken met machines en het nemen van belangrijke beslissingen wordt afgeraden. Tevens mag u geen alcoholische dranken nuttigen, omdat dit het rustgevende middel kan versterken.
Na het onderzoek
Als u zich goed voelt, mag u na het onderzoek direct naar huis (wanneer u geen roesje heeft gehad).
- Vanwege de toegediende medicijnen mag u niet zelf aan het verkeer deelnemen. Het heeft invloed op uw rijvaardigheid.
- Het is belangrijk om tot 1½ uur na het onderzoek niets te eten of te drinken. De verdoving in uw keel is nog niet uitgewerkt en u zou zich ernstig kunnen verslikken/verbranden. Na 1½ uur begint u met een slokje water; gaat dit goed, dan kunt u weer drinken en eten.
Gevolgen en risico’s van het onderzoek
Er kunnen tijdens het onderzoek complicaties optreden zoals
- een geringe bloeding (wat in het algemeen niet ernstig is)
- een daling in het zuurstofgehalte van het bloed (dit wordt echter direct aangevuld d.m.v. een zuurstofslangetje).
- als er biopten diep uit de longen worden genomen, bestaat de kans (een zeer kleine kans) op een klaplong. Hierbij wordt u kortademig.
Na het onderzoek kunt u wat bloederig slijm ophoesten, soms kunt u na enkele uren een koude rilling/ koorts krijgen. U mag een Paracetamol tabletje nemen. De dag na het onderzoek moet de koorts voorbij zijn.
Wanneer thuis de volgende complicaties optreden, neemt u dan (tijdens ‘kantooruren’) contact op met de polikliniek van de longartsen, telefoon (0528) 286 342
- ernstig bloed ophoesten (meer dan een ½ kopje vol)
- toename benauwdheid met eventueel lucht onder de huid
- aanhoudende koorts.
Buiten deze uren kunt u contact opnemen met uw huisarts(enpost).
De uitslag van het onderzoek
Na het onderzoek vertelt de arts u wat hij heeft gezien. Als er hapjes weefsel (biopten) zijn genomen, wordt dit onderzocht in het laboratorium. Uw behandelend specialist bespreekt de uitslag met u tijdens uw eerstvolgende polikliniekbezoek.