Deze behandeling kan worden toegepast bij ernstige pijnklachten ten gevolge van kanker van de boven-buikorganen, zoals de alvleesklier, de maag en de lever. Het betreft een blokkade van een zenuwnetwerk in de bovenbuik. Dit zenuwnetwerk wordt in medische termen ‘plexus coeliacus’ genoemd.
U wordt hiervoor 1 tot 2 dagen opgenomen op de Kort Verblijf Afdeling (3e verdieping).
Voorbereiding
Het is belangrijk dat u voor deze behandeling nuchter bent. Dit betekent dat u ’s morgens om 07.00 uur nog een beschuit met een kopje thee mag gebruiken. Daarna niets meer eten en drinken. Eventuele medicijnen mag u met een slokje water innemen.
Behandeling
Deze behandeling vindt onder een lichte algehele narcose plaats en duurt ongeveer een half uur. Tijdens de behandeling ligt u op uw buik. De arts brengt – onder röntgendoorlichting – twee naalden in via de rug en controleert de positie van de naalden met contrastvloeistof. Hierna spuit hij de behandelvloeistof rondom het zenuwnetwerk.
Resultaat
Het resultaat van de blokkade is pas 1 of 2 dagen na de behandeling duidelijk. Bij de meeste patiënten treedt na de blokkade een goede pijnvermindering op. Het effect van de behandeling houdt gemiddeld enkele maanden aan en kan zonodig herhaald worden. In een aantal gevallen is een aanvullende behandeling nodig.
Complicaties
De behandeling wordt zorgvuldig uitgevoerd, toch bestaat er een geringe kans op het optreden van complicaties. Sommige patiënten zijn allergisch voor röntgencontrastvloeistof, hetgeen betekent dat er jeuk, huiduitslag en/of kortademigheid kan optreden. In zeldzame gevallen kan dit leiden tot een ernstige bloeddrukdaling. Een zeer zelden voorkomende complicatie is een dwarslaesie (gedeeltelijke verlamming van beide benen). De kans daarop is gelukkig uitermate gering.
Bijwerkingen
Een vaak voorkomende bijwerking van deze behandeling is het tijdelijk optreden van diarree. Ook kunt u de eerste weken na de behandeling even duizelig zijn bij plotseling rechtop komen.
Belangrijk!
1. Indien u zwanger bent of dat zou kunnen zijn, dan is het belangrijk om ons dat vóór de behandeling te vertellen.
2. Indien u antistollingsmiddelen gebruikt (fenprocoumon of acenocoumarol), waarvoor controle bij de trombosedienst noodzakelijk is, dan moet u hier 4 dagen voor de behandeling mee stoppen.
3. Mocht u allergisch zijn voor contrastvloeistof, dan moet u dat vooraf aangeven.
