Glaucoom

Glaucoom is een oogziekte waarbij de zenuwvezels van de oogzenuw geleidelijk verloren gaan. Deze oogzenuwvezels leiden het beeld dat het oog vormt naar de hersenen. Daar wordt u zich bewust van wat het oog ziet. Door het verloren gaan van de oogzenuwvezels ontstaan blinde vlekken (gezichtsvelddefecten) in het beeld. Als er verlies van oogzenuwvezels optreedt, kan de oogarts dat zien omdat de oogzenuw er geleidelijk anders gaat uitzien (de oogzenuw wordt uitgehold: 'geëxcaveerd’). Als de ziekte niet of onvoldoende wordt behandeld, dan worden de gezichtsvelddefecten groter en bestaat de kans dat u in een later stadium minder scherp gaat zien.

Oogdruk

De bolvorm van het oog wordt mede in stand gehouden doordat binnen in het oog vocht (kamerwater) wordt geproduceerd. Dit oogvocht heeft niets te maken met het uitwendige traanvocht. De hoogte van de oogdruk is afhankelijk van het evenwicht tussen aanmaak en afvoer van het kamerwater (zie figuur 1). Te hoge oogdruk kan ontstaan als de afvoer van het kamerwater wordt belemmerd.

Figuur 1: Aanmaak en afvoer van kamerwater.
Het kamerwater wordt in het straalvormig lichaam (corpus ciliare, 4) aangemaakt, het circuleert in de achterste oogkamer en gaat daana via de pupil in de voorste oogkamer, waarna het in de kamerhoek (1) wordt afgevoerd.

Oorzaak

Het mechanisme dat bij glaucoom leidt tot de aantasting van de oogzenuw, is nog steeds niet tot in alle details bekend. Wel zijn er veel factoren bekend die de kans op glaucoom aanzienlijk verhogen:

  • Verhoogde oogdruk
    Hoe hoger de oogdruk, hoe groter de kans op glaucoom (dit is veruit de belangrijkste risicofactor).
  • Glaucoom in de familie
    Als glaucoom voorkomt bij iemands naaste familieleden (eerste en tweede graads), is de kans op glaucoom bijna tien maal groter dan voor iemand zonder glaucoom in de familie.
  • Hoge leeftijd
    Op hoge leeftijd komt glaucoom veel vaker voor (vier procent van de mensen ouder dan tachtig jaar heeft glaucoom).
  • Sterke bij- of verziendheid
  • Negroïde mensen hebben vaker glaucoom.
  • Afwijkingen van de bloedvaten bij of in het oog.

Soorten glaucoom

Er zijn drie typen glaucoom te onderscheiden:

  • Primair glaucoom is glaucoom zonder duidelijke oorzaak. Deze glaucoomsoort komt het meeste voor. We onderscheiden het primair openkamerhoekglaucoom en het primair nauwekamerhoekglaucoom.
  • Secundair glaucoom ontstaat als gevolg van een andere oogaandoening of trauma zoals ontstekingen of verwondingen.
  • Acuut glaucoom treedt plotseling op doordat de toegangsweg tot het afvoersysteem van het oogvocht wordt afgesloten en de oogdruk in een korte tijd zeer sterk oploopt.

Onderzoek

Het zou ideaal zijn als iedereen ouder dan veertig jaar op glaucoom wordt gescreend. Als bij het onderzoek echter alleen de oogdruk wordt gemeten, worden lang niet alle glaucoompatiënten ontdekt. Zoals uit de lijst van risicofactoren al blijkt, spelen er bij glaucoom veel meer factoren dan de oogdruk alleen. Daarom moet er naast het meten van de oogdruk ook een OCT-scan van de oogzenuw worden gemaakt, met eventueel een gezichtveldonderzoek. Als er na dit onderzoek een verdenking is op glaucoom, bepaalt de oogarts samen met u of en hoe u behandeld wordt.

Behandeling

Met een goede behandeling kan de toename van schade aan de oogzenuw en dus de gezichtsvelduitval worden gestopt of vertraagd. Behandeling van glaucoom is er altijd op gericht de oogdruk te verlagen. In de meeste gevallen wordt gestart met een behandeling met oogdruppels. Maar ook een laserbehandeling of een oogdrukverlagende operatie is mogelijk.

  • Oogdruppels
    Er zijn veel verschillende soorten oogdrukverlagende oogdruppels. De oogarts zal de soort oogdruppels zo kiezen dat een maximaal oogdrukverlagend effect wordt gekoppeld aan minimale bijwerkingen. Het is belangrijk dat u van het oogdruppelen (één of meerdere malen per dag) een vaste gewoonte maakt, zodat u geen druppels vergeet. De techniek van het oogdruppelen kan in het begin problemen geven. U moet net zolang doordruppelen totdat u een druppel het oog in voelt gaan. Blijft het oogdruppelen moeilijk, dan kunt u hiervoor eventueel een hulpmiddel gebruiken, te verkrijgen bij de apotheek.
     
  • Laserbehandeling
    Als oogdruppels niet voor voldoende oogdrukverlaging geven, dan kan in sommige gevallen een laserbehandeling (lasertrabeculoplastiek) uitgevoerd worden. Hierbij wordt het afvoersysteem van het oogvocht met behulp van laserlicht wijder gemaakt.
     
  • Oogdrukverlagende operatie
    Tot slot kan ook een oogdrukverlagende operatie verricht worden, ook wel een filtrerende operatie of trabeculectomie genoemd. Bij deze operatie wordt een gaatje in de wand van het oog gemaakt. Het inwendige oogvocht heeft daarna een extra afvoermogelijkheid gekregen. Wanneer ten slotte oogdruppels, tabletten, eventueel een laserbehandeling en een trabeculectomie er onvoldoende in slagen om de oogdruk zodanig te verlagen dat de gezichtsvelddefecten stabiel blijven, kan ook nog gekozen worden voor een glaucoomimplant. Hierbij wordt eveneens operatief een extra afvoermogelijkheid gemaakt, waarbij ook in enige mate de grootte van de afvoer van tevoren kan worden bepaald.

Deze tekst is ontleend aan de folder 'Glaucoom' van het Nederlands Oogheelkundig Genootschap (NOG).